Job alert Verpleegkundige Janny
Overslaan naar content

'Er is zoveel om voor te zorgen in de laatste levensfase'

Janny is verpleegkundige bij in de wijkverpleging in Almere

‘Deze zorg is mijn roeping'

Janny werkt als verpleegkundige in de wijkverpleging in Lelystad. Hierbij heeft zij als aandachtsgebied ‘palliatieve zorg’. Dit betekent onder andere dat zij zich, samen met de werkgroep palliatieve zorg, inzet voor kwalitatieve, palliatieve zorg. “Deze zorg is mijn roeping.” “Ik heb hiervoor tien jaar in de kinderopvang gewerkt. Toen ik dertig werd, wilde ik iets anders en ging als huishoudelijk ondersteuner werken bij Woonzorg Flevoland. Het contact met mensen vond ik heel leuk. Al na een maand vroeg mijn toenmalige leidinggevende of ik de opleiding voor verzorgende IG wilde doen. Nu ben ik contactverpleegkundige en ik vind het hier fantastisch."

"De collega’s voelen als een warm bad. Sommigen zijn zelfs vriendinnen geworden. Ook heb ik fijn en open contact met de manager. Ze is goed bereikbaar en ik kan met alles bij haar terecht. Dat geldt ook voor de collega’s van bijvoorbeeld het behandelteam. Iedereen wil graag de juiste zorg geven en dat is fijn werken.”

Vanuit gevoel kan ik goed inschatten op welk moment en hoe ik ergens over begin

Met elkaar in gesprek blijven en wensen en gevoelens delen, is in deze levensfase enorm belangrijk. “Er is zoveel te bespreken en te voelen: wat is komende tijd belangrijk? Wat wil ik nog doen? Hoe ga je om met diepe emoties en gevoelens? Wat is voor naasten belangrijk? Hoe beslis je over een waardig einde? Mensen hebben vaak veel vragen. Ik weet welke fases zij doormaken, welke emoties er zijn en welke zorg en begeleiding wanneer belangrijk is in het proces. Vanuit gevoel kan ik goed inschatten op welk moment en hoe ik ergens over begin, ook over het onvermijdelijke einde. In alles ben ik er voor de cliënt én heb ik aandacht voor naasten”, vertelt Janny. Comfort en berusting Een palliatieve fase kan een tijd duren. Het is belangrijk om het leven dan nog zo aangenaam mogelijk te maken. “Ik streef naar zoveel mogelijk comfort, zodat mensen nog dingen kunnen ondernemen die zij belangrijk vinden. We kijken samen wat er lichamelijk nog kan en of er sprake is van pijn waar we iets aan kunnen doen”. In de laatste palliatieve fase nemen de contactmomenten met Janny vaak toe. “Samen met cliënten en familie bewegen we van kwaliteit van leven, naar kwaliteit van sterven. Dan zorg ik voor zo min mogelijk pijn en angst en zoveel mogelijk berusting.”

Veel cliënten blijven Janny bij. Zoals een mevrouw die zij eerder begeleidde en na een periode van stabiliteit toch achteruit ging. “Via het ziekenhuis vroeg zij speciaal naar mij om haar weer bij te staan. Dat was verdrietig en bijzonder tegelijk. Blijkbaar had zij zich prettig gevoeld bij mijn eerdere betrokkenheid, dat vind ik zo waardevol.”